abb_smissline
Installatie automaten snel en veilig uitwisselen of bijplaatsen
aardlekschakelaar
Aardlekschakelaars in uw elektrische installatie juist testen

Verplicht onderhoud van uw brandmeldinstallatie goed regelen

In vrijwel alle utilitaire gebouwen is een brandmeldinstallatie aangebracht. Het is een belangrijke beveiligingsinstallatie voor gebruikers en het gebouw. Zoals elke technische voorziening in een gebouw moet ook een brandmeldinstallatie met regelmaat worden onderhouden. Dat onderhoud is geregeld in de per mei 2015 aangepaste norm NEN 2654-1. Maar is dat onderhoud verplicht, wie moet het onderhoud uitvoeren en wat houdt het onderhoud dan in?

Bouwvoorschriften

De belangrijkste wetgeving in de bouw, vorm gegeven in het Bouwbesluit, geeft de minimaal verplichte eisen weer die aan bouwwerken worden gesteld. Behalve voor nieuwbouw en bestaande bouw geldt dat in een aantal gevallen ook voor het onderhoud aan voorzieningen. Met betrekking tot de brandmeld- en ontruimingsinstallatie (BMI) in utilitaire bouwwerken geldt dat, behalve gestelde eisen aan de aanwezigheid van die installatie, ook eisen worden gesteld aan het onderhoud er van. De bepalende artikelen in het Bouwbesluit voor de brandmeldinstallatie zijn artikel 6.20 en artikel 6.23 voor de ontruimingsinstallatie.

Verplichte aanleg van de BMI

Artikel 6.20 van het Bouwbesluit beschrijft via Bijlage I de gebruiksfuncties waarin een brandmeldinstallatie moet worden aangebracht. In die bijlage wordt onder meer ook de omvang van die installatie aangegeven. Die omvang moet vervolgens voldoen aan het gestelde in de norm NEN 2535, die daarmee dus een wettelijke status heeft. Artikel 6.23 beschrijft dezelfde eisen maar dan met betrekking tot de ontruimingsinstallatie en verwijst naar de norm NEN 2575.

Een veel voorkomend misverstand is dat in bijvoorbeeld kleinere kantoor(verzamel)gebouwen gebruik gemaakt zou mogen worden van de in iedere bouwmarkt verkrijgbare zelfstandige rookmelders. Die melders vallen onder de norm NEN 2555 en het Bouwbesluit is met artikel 6.21 daar heel duidelijk in. Deze rookmelders zijn alleen toegestaan in ruimten met een woonfunctie.

Certificering BMI

De regelgeving over aanleg en onderhoud is met ingang van 2015 ingrijpend gewijzigd. Tot en met 2014 bestond de inmiddels vervallen regeling BMI-2002. Deze regeling bepaalde dat een BMI in de meeste gevallen moest worden voorzien van een certificaat. Met ingang van 2015 geldt de regeling BMI-2011 die wordt beheerd door het CCV en bestaat uit een aantal deel-certificeringen. Zo wordt nu niet meer de gehele BMI gecertificeerd maar alleen nog op onderdelen. Daardoor kunt u kiezen voor een niet-verplichte certificering voor de toegepaste apparatuur, een niet-verplichte certificering voor projectie en aanleg en een niet-verplichte certificering voor het, overigens wel verplicht, uit te voeren onderhoud. Hoewel de deel-certificeringen op zich dus niet verplicht zijn geldt in bepaalde, in het Bouwbesluit aangegeven, gevallen wel een verplicht inspectie certificaat. Dat verplichte inspectie certificaat krijgt u sneller en goedkoper indien u heeft gekozen voor de eerder aangegeven niet-verplichte deel-certificeringen.

Onderhoud BMI

In artikel 6.20 van het Bouwbesluit is behalve de aanleg van een BMI ook beschreven dat een BMI moet worden onderhouden en beheerd. Voor dat onderhoud en beheer wordt verwezen naar de normdelen NEN 2654-1 voor de brandmeldinstallatie en via artikel 6.23 naar de NEN 2654-2 voor de ontruimingsinstallatie. Beide normdelen hebben daarmee dus ook een wettelijke status verkregen. Ook hier is weer verschil gemaakt tussen een installatie met en zonder een verplicht inspectie certificaat. Het normdeel NEN 2654-1 is met ingang van mei 2015 herschreven waardoor de vorige uitgave uit 2002 formeel is komen te vervallen. De verwijzing in het Bouwbesluit is echter nog wel naar artikelen in de norm NEN 2654-1 uit 2002.

Beide normdelen beschrijven de ten minste uit te voeren onderhoudswerkzaamheden aan de brandmeld- en ontruimingsinstallatie, te verrichten door respectievelijk de Beheerder (opgeleid persoon) van de installatie en de onderhoudende partij. De eigenaar van een gebouw waarin een BMI is aangebracht is derhalve verplicht een Beheerder BMI te benoemen. Deze persoon dient, na een korte opleiding, de dagelijkse taken te kunnen verrichten die tot gebruik en onderhoud behoren, zoals in- en uitschakelen van meldergroepen, eenvoudige controles van de apparatuur en het invullen van het verplicht bij te houden logboek.

Uw onafhankelijk adviseur elektrotechniek helpt u graag met het organiseren van het onderhoud aan uw brandmeldinstallatie. Ook kunt u bij hem terecht voor meer informatie over welke certificaten nu wel of niet verplicht zijn of het opstellen van een Programma van Eisen voor aanleg en onderhoud.

Adviseur elektrotechniek bij Wesselektro advies in Houten. Gespecialiseerd in ontwerp, advies en technisch beheer van elektrische installaties in gebouwen en de volledige technische inrichting van server- of computerruimten. Hij stelt uw PvE op, schrijft uw Functioneel Bestek, beoordeelt uw installatie of houdt projecttoezicht.