Batterijpakket aansluiten op verdeelkast

Batterijpakket

Leveranciers van batterij producten claimen op de hoogte te zijn van de voorschriften en beloven dat de installatie zal voldoen aan NEN 1010. Een batterijpakket wordt in de meeste gevallen op een bestaande verdeelkast aangesloten. Dat geldt zowel voor een thuisbatterij bij particulieren als voor een batterijpakket bij bedrijven en instellingen. Een batterijpakket zou door een elektrotechnisch installateur moeten worden aangesloten. Dan mag je als gebruiker uitgaan van een veilige aansluiting.

Regelgeving

Voor elke batterij opstelling, gekoppeld aan het reguliere net, gelden de voorschriften voor aanleg van een elektrische installatie. Die voorschriften zijn in algemene zin weergegeven in de Systeemcode Elektriciteit en in het bijzonder in de norm NEN 1010. Voor een groter batterijpakket bij of in gebouwen zijn bovendien ook de richtlijn PGS 37.1 en de eisen met betrekking tot veiligheid in het kader van de ARBO-wetgeving van toepassing. Denk dan aan de norm NEN 3140, die voorschriften geeft over veilig werken aan, met en nabij elektrische installaties. De richtlijn PGS 37.1 gaat over de opstelling van een batterijpakket in of nabij gebouwen en de beheersing van de daarbij behorende risico´s. Voor zowel thuisbatterijen als grotere op het reguliere net aangesloten batterij systemen ten behoeve van energie opslag geldt een aanmeldingsplicht via energieleveren.nl.

Selectiviteit batterijpakket

De Systeemcode Elektriciteit stelt in paragraaf 3.2 en 3.3, afhankelijk van het batterij vermogen, voorwaarden aan de manier van aansluiten. Belangrijk bij de netaansluiting voor alle batterij installaties is de selectiviteit van die aansluiting. Dat houdt in dat de waarde van de beveiliging van een batterij selectief moet zijn ten opzichte van de beveiliging (hoofdzekering) aangebracht door de netbeheerder. Tussen beide beveiligingen geldt als vuistregel een factor 1,6. Voor installaties met een groter batterij vermogen kan dat neerkomen op het aansluiten van meerdere batterijpakketten parallel in plaats van één grote.

Batterijpakket tweede voedingsbron

Een batterijpakket geldt als een tweede voedingsbron in de betreffende elektrische installatie. De netaansluiting is de primaire voeding van een installatie en de batterij de secundaire voeding. Dat houdt in dat de energie die wordt afgenomen in de betreffende elektrische installatie kan worden geleverd door zowel het reguliere net als door het batterijpakket. Dat stelt eisen aan de verdeelkast. Een niet voor een batterijpakket ontworpen verdeelkast is normaliter voorzien van een railsysteem dat is uitgelegd op de stroom die de hoofdschakelaar (netzijde) kan doorgeven. Bij een hogere stroom zal de netbeveiliging aanspreken. Een verdeelkast waarop een batterijpakket is aangesloten kan behalve via de netvoeding ook stroom leveren vanuit de batterij. Daardoor kan het gelijktijdig af te nemen vermogen toenemen met als gevolg dat de beveiliging aan de netzijde niet aanspreekt. Extra temperatuurverhoging of overbelasting van het railsysteem is dan een reëel gevaar.

Risico verdeelkast

In een verdeelkast van een woning is het risico op overbelasting al snel aanwezig omdat de neiging ontstaat meerdere apparaten gelijktijdig aan te zetten vanwege de opgeslagen extra stroom. In een niet voor bewoning bestemd gebouw is een verdeelkast eveneens niet zomaar geschikt voor het aansluiten van een batterijpakket. Immers het bijplaatsen van een groep voor een aan te sluiten batterijpakket zal het railsysteem anders kunnen belasten en de temperatuur in de verdeelkast extra laten stijgen. Zolang de gelijktijdige belasting vanuit de installatie niet uitkomt boven het uit de netvoeding te halen vermogen en rekening wordt gehouden met de stijging van de temperatuur (80%-regel voor continu belaste groepen) in de verdeelkast, is een batterijpakket veilig aan te sluiten. Maar hoe bewaak je dat adequaat? Een energiemanagementsysteem (EMS) draagt bij grotere batterijen zeker bij aan een goede energieverdeling. Een beoordeling van een bestaande verdeelkast en met name duidelijkheid over het gelijktijdig vermogen in de elektrische installatie dient bovendien altijd onderdeel te zijn van het voornemen een batterijpakket aan te sluiten.

Aardlekbeveiliging

In een huisinstallatie is meestal een TT-stelsel van toepassing waardoor uit veiligheidsoverwegingen aardlekbeveiligingen van 30mA worden gebruikt als aanvullende bescherming voor contactdozen tot 20A (NEN 1010:2015). Een thuisbatterij tot 800 Watt mag door een consument worden aangesloten op een voor algemeen gebruik bedoeld en van randaarde voorzien stopcontact. Dat is in de regel dus beschermd door een 30mA aardlekbeveiliging. Een batterijpakket boven de 800 Watt mag echter niet op een stopcontact worden aangesloten. Dat moet met een vaste aansluiting via een aparte eindgroep in de verdeelkast. Een aardlekbeveiliging van 100mA tot maximaal 300mA is in de vaste aansluiting van een thuisbatterij wenselijk. Deze beveiliging beschermt dan tegen eventuele lekstromen groter dan 30mA die kunnen leiden tot brandgevaar. Voor een batterijpakket dat niet bedoeld is als thuisbatterij is een aardlekbeveiliging niet nodig.

Certificering

De aanleg van een thuisbatterij van meer dan 800 Watt of een batterijpakket in een utiliteitsomgeving is geen klus voor de handige doe-het-zelver. Daarvoor komt meer kijken dan “even een groepje erbij”. Vaak zal de verdeelkast moeten worden aangepast op een juiste aansluiting van het batterijpakket. Voor een veilige aanleg en aansluiting is het beter te kiezen voor een erkend of gecertificeerd installatie bedrijf. Deze bedrijven zijn te vinden in het register van InstallQ of op de website van Techniek Nederland.

Let op, in dit artikel zijn alleen hoofdlijnen beschreven. Detail engineering blijft voor iedere situatie van belang. Uw onafhankelijk elektrotechnisch adviseur helpt u graag bij het implementeren van een batterijpakket.

Adviseur elektrotechniek bij Wesselektro advies in Houten. Gespecialiseerd in ontwerp, advies, beoordeling en technisch beheer van elektrische installaties in gebouwen. Bovendien ontwerpt hij de volledige technische inrichting van server- of computerruimten. Ook verzorgt hij projecttoezicht bij uw projecten.

Scroll naar boven